Een drone die zelfstandig een rondje over je bouwplaats vliegt en vastlegt wat er gebouwd is, zodat jij geen foto’s meer hoeft te maken. Het klinkt als toekomstmuziek, maar bij Woningborg Toetsing & Toezicht testen we het nu al uit. Samen met dronespecialist Droneview draaiden we een pilot met drones en een robothond op vijf bouwprojecten. De centrale vraag: kun je de verslaglegging op een hoger niveau krijgen met minder inspanning?
Waarom een pilot met drones?
Sinds de invoering van de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen is kwaliteitsborging een vast onderdeel van elk bouwproject bij gevolgklasse 1 projecten. Volgens Sietze Rozema, directeur van Woningborg Toetsing & Toezicht (WTT), raakt de markt daar steeds beter aan gewend. Toch blijft er aan de kant van de aannemer één ding knellen: capaciteit. ‘Je ziet dat de druk op bemensing bij aannemers continu blijft’, vertelt hij. ‘Wij kijken daarom voortdurend: hoe kunnen we op het gebied van verslaglegging verlichting in geven?’
Bouwcontroles slimmer vastleggen
WTT volgt de technologische ontwikkelingen in de markt op de voet. Denk aan de inzet van drones, robots en camera’s die steeds meer kunnen. ‘We onderzoeken actief waar we nieuwe technologieën kunnen inzetten, en op wat voor manier’, gaat Sietze verder. ‘Ons doel is om kwaliteitsborging zo efficiënt en makkelijk mogelijk te maken. In deze pilot kwamen die twee sporen samen: de capaciteitsdruk bij aannemers en de kansen van nieuwe techniek. De centrale vraag daarbij was: kun je de verslaglegging op een hoger niveau krijgen terwijl het minder inspanning kost?’
Zo zag de pilot eruit
Voor de pilot werkte WTT samen met Droneview: een ervaren dronebedrijf dat al jaren grote bouw- en renovatieprojecten vastlegt. De pilot liep op vijf projecten die zich in verschillende bouwfases bevonden: van een project waar net de fundering lag tot een woning die bijna klaar was voor oplevering. Op elk project werd één keer een steekproef gedaan, oftewel een momentopname. Zo kon WTT zien welke controles uit het borgingsplan je in elke fase met drone-opnames zou kunnen dekken.
Voor het vastleggen zette Droneview een drone in die vanuit de lucht hoge resolutie beelden maakte. Op één project werd daarnaast een robothond ingezet die vanaf de grond beelden met een 360-gradencamera vastlegde.
‘Na de eerste vlucht bleek dat de gebruikte camera’s het gewenste detailniveau niet scherp genoeg vastlegden’, vertelt Rahul Westerhoff van Droneview. ‘We zijn toen overgestapt op een camera met een hogere resolutie, waarna de beeldkwaliteit wel goed was.’ Het resultaat uit alle foto’s samen is een 3D-model per bouwproject. ‘Dat model is vanaf alle kanten te bekijken. Ga je er met je muis overheen, dan zie je direct de bijbehorende foto’s. Zo kun je ook de plekken inspecteren die in 3D lastiger in beeld komen, zoals rond steigers. De losse beelden kun je vervolgens ook gebruiken als bewijs bij een controle.’
Welke controles leg je met een drone vast?
Niet elke controle leent zich voor een drone. ‘Een afleverbon controleren, daar voegt een drone niks aan toe’, vervolgt Sietze. ‘Maar er zijn genoeg controles waarbij het wel zinvol is. Denk bijvoorbeeld aan zonnepanelen: liggen er de juiste panelen, in de juiste aantallen en met de juiste oriëntatie? Ook het aanbrengen van gevelisolatie kun je in principe van buitenaf vastleggen, mits de drone er goed zicht op heeft.’
Drone en robothond vullen elkaar aan
Een belangrijke les uit de pilot is dat je met één type opname niet alles dekt. Een drone vliegt op een bepaalde hoogte en kijkt dus schuin naar beneden. Bij een woning met een overstek wordt het beeld daaronder minder scherp. ‘Een robothond daarentegen loopt over de grond en heeft daar wel goed zicht op’, legt Sietze uit. ‘Als je die twee met elkaar combineert, krijg je een mooi totaalbeeld dat bovendien een stuk scherper is. Daarnaast kan de robothond naar binnen, en zelfs een trap op. Zodra de schil van een gebouw dicht is, zie je van buitenaf weinig meer. Dan wordt zo’n robothond pas echt interessant.’
Waar rekening mee te houden
De pilot heeft ook duidelijk gemaakt waar de uitdagingen zitten:
- Steigers. Achter een steiger gaat het werk gewoon door, maar een drone kan er niet goed doorheen kijken. Bij hoogbouw speelt dat nog sterker, omdat steigers vaak tot de bovenkant doorlopen.
- Regels in het luchtruim. In Nederland liggen veel gebieden met beperkingen, zoals de luchtruimen rond vliegvelden als Schiphol, Rotterdam of militaire vliegbases. Daar moet je vooraf toestemming aanvragen bij de verkeerstoren en krijg je een tijdvak toegewezen waarin je mag vliegen. ‘Voor ons is dat routine’, zegt Rahul, ‘maar je moet een vlucht dus wel inplannen. Even spontaan een steekproef doen gaat niet.’
- Het weer. Bij regen of harde wind (boven windkracht 5) wordt er niet gevlogen.
- Kosten. ‘Technisch kan er veel, maar het moet kostentechnisch natuurlijk wel uitkomen’, aldus Sietze. ‘Die puzzel zijn we momenteel aan het leggen.’
Het ideaalbeeld: een drone in een box
‘Het ideaal zou een drone in een box zijn die op de bouwplaats automatisch en periodiek een rondje vliegt’, zegt Sietze enthousiast. Zo’n box is een soort waterdichte kast waaruit een op afstand bestuurbare drone op afroep opstijgt. ‘Die box kun je bij wijze van spreken in een achtertuin zetten’, legt Rahul uit. ‘Zolang er internet is, kunnen we de drone vanaf ons kantoor in Leeuwarden aansturen.’ De uitdaging zit hem echter in de regelgeving. Vluchten waarbij de piloot de drone niet zelf kan zien, zijn in Nederland namelijk niet zomaar toegestaan. ‘Ik had stiekem gehoopt dat dat al kon’, vertelt Sietze, ‘maar de verwachting is dat daar de komende jaren meer ruimte voor komt.’
Drones op de bouwplaats: wat levert het jou op?
Een drone boven je bouwplaats is leuk, maar het moet wel iets opleveren. Sietze rekent het voor: ‘Stel dat het inzetten van zo’n drone een paar honderd euro kost, maar dat het een aannemer meer dan dat aan uren scheelt. Dan zal hij al snel zeggen: zet dat ding neer en laat het periodiek vliegen. Bovendien helpen de beelden je bij dossieropbouw. Alles wat onderweg is vastgelegd, heb je later immers beschikbaar.’ Rahul ziet vooral kansen in het slim verwerken van die beelden. ‘Het inwinnen van de data is voor ons goed te doen. De uitdaging zit in de vraag wat je eruit wilt halen. Zo onderzoeken we of AI-software zelf kan herkennen of er volgens plan is gebouwd. Dit doen we bijvoorbeeld al voor het opsporen van houtrot of scheuren.’
Hoe nu verder?
Op dit moment evalueert WTT de pilot met Droneview. Daarbij kijken we niet alleen naar de beeldkwaliteit, maar ook naar de vraag hoeveel controles je met deze beelden kunt afronden en of de kosten opwegen tegen de baten. Pakt dat positief uit? Dan zou een volgende stap zijn om de beelden te koppelen aan de software waarmee WTT werkt. ‘Ik geloof dat we samen met de sector naar slimmere werkwijzes kunnen toewerken’, zegt Sietze. ‘En drones horen daar wat mij betreft zeker bij.’